God heeft zijn trouw beloofd. Dat is ons houvast voor het nieuwe jaar.
Al weer 1,5 week geleden is het nieuwe jaar begonnen. Iedereen had toen zo zijn eigen verwachtingen. Mensen die In de bloei van hun leven staan hadden positieve verwachtingen : een diploma, een nieuw werk in het vooruitzicht, een voorgenomen huwelijk, een reis. Mensen die ouder worden, met een ziekte zitten, met werkloosheid of een moeilijke studie, misschien een gespannen huwelijk – hadden misschien meer negatieve verwachtingen. Zij keken misschien bezorgd of zelfs angstig heet nieuwe jaar in.
Maar of je optimistisch of pessimistisch bent, niemand weet wat de toekomst brengen zal. Verwachtingen geven geen zekerheid en geen rust. Verwachtingen kunnen teleurgesteld worden.
Ik had zelf een heel programma opgesteld voor de afgelopen week om met een gast uit de Filipijnen allerlei dingen in Nederland te bezoeken, maar door de sneeuwval en de uitval van het openbaar vervoer is daar niets van terecht gekomen. Maar de gast zei: het belangrijkste is dat wij elkaar konden ontmoeten.
Toch zoekt de mens steeds naar zekerheid, naar een houvast. Hij wil iets hebben waarmee wij de toekomst met vertrouwen in kunnen gaan. Zo’n houvast kan een medemens zijn: Een vriend of vriendin, een vader of een moeder, een man of vrouw. De verbondenheid met de medemens geeft enig houvast. Enig gevoel van geborgenheid en veiligheid.
Ook het behoren tot een vereniging of een gemeenschap geeft het gevoel niet alleen in het leven te staan. Toch zijn mensen soms huiverig zich bij iemand of bij een groep aan te sluiten. Mensen willen vrij zijn in hun doen en laten en niet gebonden zijn aan opgelegde verplichtingen. Daarom wordt het trouwen of het lid zijn van een vereniging soms afgewezen. Een binding wordt dan als een bedreiging en een beperking van de eigen ontplooiing ervaren.
Maar ondanks het verlangen om vrij te zijn heeft de mens ook het verlangen om ergens bij te horen. Mensen kunnen ons ontvallen. En verenigingen kunnen ophouden te bestaan. Of je wordt er te oud voor. Dus zoekt de mens naar een blijvend houvast. En naar een gemeenschap waarop men altijd terug kan vallen. Waar men altijd bij zal horen! En nu voelt u wel aan wat Ik wil zeggen. God, Jezus Christus en zijn kerk zijn ons duurzaam houvast.
Door de geboorte ontstaat de verbondenheid met de ouders en de opname in het gezin. Door het doopsel ontstaat de verbondenheid met God. En de opname in de kerkgemeenschap. Die verbondenheid is een eeuwige verbondenheid. God blijft altijd bestaan. God blijft ons altijd zoeken. En op zijn kerk kunnen we altijd terugvallen. Door de doop hoor je erbij en mag je altijd weer een beroep op doen. Bij de doop van een kind beloven niet alleen de ouders wat, maar ook God. Net als bij de doop van Jezus zegt God tot een dopeling: “Jij bent mijn kind, mijn veelgeliefde. In jou heb Ik welbehagen”.
Het wonderlijke is dat mensen die de kerk verlaten zich toch in veel gevallen niet uit laten schrijven. Ze voelen toch aan dat ze daarmee een wezenlijke slagader van het leven zouden doorsnijden! Een onvervangbare levensdraad.
Zo is de doop een nieuw begin van het leven, een leven in een nieuw verbond. Jesaja zegt, zo spreekt de heer, Ik neem u bij de hand. Vergelijk hoe kinderen bij hun ouders aan de hand kunnen lopen. Vol vertrouwen.
Niet Alleen voor het kind is de doop een nieuw begin. Als we een klein kind zien, met name een kind dat heerlijk ligt te dromen, dan worden ook in ons weer bepaalde dromen opgeroepen. Bijvoorbeeld het verlangen naar een wereld vol vrede en veiligheid. Een kind dat nog zo’n grote belofte voor de toekomst inhoud schudt ook in ons de krachten wakker om weer met volle inzet aan die toekomst te werken. Wij willen immers deze kinderen toch geen vergiftigde en onleefbare wereld als erfenis nalaten?
Niet alleen met nieuwjaar komen mooie wensen in ons boven. Maar ook bij de geboorte en de doop van een kind.
En elk kind komt met de boodschap ter wereld dat God nog niet ontmoedigd is. In elk kind ziet God weer een kans om het paradijs op aarde terug te brengen. Zoals elke doop een soort nieuwjaarsdag. Een nieuw begin van leven voor de hele gemeenschap.
Ooit zijn wij gedoopt. God heeft zijn trouw beloofd. Die belofte trekt Hij nooit in. Beloofd is beloofd. Daarom is de doop eenmalig.
Laten we God danken dat ons dat houvast gegeven is en elke dag leven in het besef dat we door de doop een kind van God zijn.