6E ZONDAG VAN PASEN  JAAR A  2026 Reeuwijk

LEZINGEN: EERSTE LEZING:  1 Petrus 3,15-18                   EVANGELIE: Johannes 14,15-21

THEMA: Wie liefheeft krijgt Gods Geest.

23 Jaar lang heb ik kampen geleid voor jeugd en jongeren. Ouders hebben tijdens zo’n kamp een rustig weekje. De leiding daarentegen een zware week. Zij ervaren een weekje hoe het is moeder of vader te zijn. Kinderen proberen uit hoever ze kunnen gaan. Zo herinner ik me een kamp met jongeren. Tijdens dat kamp wilden enkelen graag buiten slapen. Wij vonden dat gezien de koude nachten niet verantwoord. Wij zeiden dan: “een andere keer” en bedoelden: “nee”. Maar de volgende dagen van het kamp kregen we steeds te horen: “Vannacht mogen we buiten slapen. Jullie hebben het beloofd”. Zo weet ik hoe zwaar ouders het hebben.

Ouders houden het alleen vol dankzij de liefde die zij voor hun kinderen hebben. De ouderliefde is een vorm, een deel van Gods liefde. Hij heeft de mens geschapen en houdt van zijn kinderen. Een mooi gezegde voor moederdag, hoewel theologisch niet juist, luidt: omdat God niet overal kan zijn, heeft Hij moeders uitgevonden. In de moederliefde is Gods liefde aanwezig.

Vroeger heeft men God Vader genoemd omdat God geïdentificeerd werd met machthebbers. Tegenwoordig zou men God eerder Moeder noemen omdat we geloven in zijn liefde.

In het evangelie spreekt Jezus in zijn afscheidsrede over liefde en openbaring. Openbaring is de bekendmaking van God. Hij zegt: “Wie Mij liefheeft zal mijn geboden onderhouden en Ik zal Mij aan Hem openbaren.” In de liefde openbaart God zich.

Daarom is de groei in het geloof van een kind ook sterk afhankelijk van de liefde van de ouders. Wanneer een kind niet veel liefde krijgt zal het ook moeilijk zijn om te geloven.

Kinderen die weinig liefde krijgen zullen op een zekere leeftijd ook het geloof overboord gooien dat ze van thuis meekregen. (Tussen haakjes: die stelling mogen we niet omkeren. Als kinderen het geloof overboord gooien wil dat niet zeggen dat ze te weinig liefde gehad hebben.) Mijn stelling is dat kinderen die weinig liefde krijgen ook moeilijk kunnen geloven.

Ouders hebben een dubbele taak: het kind opvoeden in liefde én geloof en deze twee zaken hangen nauw samen. Daarom is het christelijk ouderschap evenzeer een roeping als het priesterschap. Ik zeg altijd: Een goed voorbeeld is meer waard dan een goede preek. In een artikel over een overleden moeder las ik een uitspraak van haar: “Ik praat met mijn kinderen niet zo veel over God, maar ik praat wel vaak met God over mijn kinderen

Door de liefde kunnen wij dus aan onze medemens God openbaren. Wie Jezus liefheeft zal er naar leven. Die leeft niet met oogkleppen op, die ziet alles om zich heen, die zal openstaan voor iedereen.

Chiara Lubich, de stichteres van de Focolarebeweging, heeft eens gezegd:

“Je kunt je eigenlijk geen echte christen voorstellen die geen liefde heeft. Een christen zonder liefde is als een horloge zonder veer of batterij. Een horloge dat niet de juiste tijd aangeeft, omdat het niet is opgewonden of geen batterijtje heeft, is eigenlijk geen horloge. Dat geldt ook voor de christen: wanneer hij niet steeds gericht is op het beminnen van anderen, verdient hij de naam christen niet.

Christelijke liefde is niet zozeer een kwestie van gevoelens, maar van concreet leven. Liefde is dienstbaarheid aan onze medemensen, vooral aan mensen naast ons. En ze begint bij de kleine dingen, bij de meest nederige diensten”. (Woord van Leven, mei 1999)

Als antwoord op onze liefde geeft Jezus ons zijn Geest. Wanneer je bemint, begrijp je iets meer van God die liefde is.

Chiara: “Wanneer schaduwkanten van ons bestaan onze weg onduidelijk maken, zal deze uitspraak van Jezus ons er aan herinneren dat het licht gaat branden door de liefde. Een concrete daad van liefde, hoe klein ook, een gebed voor iemand, een glimlach, een vriendelijk of opbeurend woord, is al genoeg om ons dat streepje licht te geven dat ons in staat stelt verder te gaan.

Het is als met het licht op een fiets met dynamo. Zolang je niet trapt, blijft het donker. Pas als je weer gaat fietsen, geeft de dynamo het licht om de weg te zien.

Zo is het ook in het leven. We hoeven alleen maar de liefde weer op gang te brengen, de christelijke liefde, de liefde die geeft zonder iets terug te verwachten, en geloof en hoop komen weer tot leven.”

De eerste christenen hebben de kracht van de liefde ervaren. Zij werden vervolgd. Zij werden vaak aan kruisverhoren onderworpen. Petrus schrijft in zijn brief dat de christen zijn geloof moet verdedigen. Maar niet met geweld of fanatisme, maar met zachtmoedigheid, gepaste eerbied en een zuiver geweten.

Jezus heeft het beloofd: Hij zal zijn Heilige Geest zenden aan wie Hem liefhebben en zich aan zijn geboden houden. Op Jezus’ gebed zal God dan een Helper geven om altijd bij ons te blijven: de Geest van de waarheid.

Beloofd is beloofd. Met Pinksteren heeft God die belofte al vervuld aan de apostelen, Maria en alle mannen en vrouwen die in Jezus geloofden.

Ook aan ons heeft Hij die Geest beloofd. Beloofd is beloofd. Ik hoop dat we over twee weken allemaal weer in de kerk komen om God te danken voor de inlossing van die belofte.